Over vaccineren
Een kleine groep bacteriën en virussen is ziekteverwekkend. Ze kunnen je ernstig ziek maken. Door je te laten vaccineren, train je het afweersysteem in je lichaam om zo’n ziekteverwekker te herkennen en snel te bestrijden. Sommige vaccinaties beschermen je levenslang, andere moet je na een tijd vernieuwen.
Waarom is vaccineren belangrijk?
Vaccinaties kunnen het verschil betekenen tussen leven en dood, zowel in het verleden als vandaag. Vóór de introductie van vaccins waren infectieziekten zoals polio en difterie ernstige infectieziekten die veel voorkwamen in Europa. Mensen werden zwaar ziek, stierven aan de ziekte of hielden er letsels aan over. Dankzij de hoge vaccinatiegraad komt polio niet meer voor in Europa en zien we difterie nog maar zelden.
Ook vandaag blijven infecties mensen ernstig ziek maken of zelfs levensbedreigend zijn. Zo zijn er opnieuw mazelenuitbraken en leidt griep elk jaar tot ziekenhuisopnames en overlijdens. Ook infecties door pneumokokken en meningokokken kunnen ernstige gevolgen hebben.
Door je te laten vaccineren:
- bescherm je jezelf tegen bepaalde infectieziekten
- bescherm je kwetsbare personen die zelf geen vaccin kunnen krijgen
- help je voorkomen dat infectieziekten minder goed verder verspreiden.
Hoe werken vaccinaties?
In een vaccin zitten zwakke, onschadelijke of dode deeltjes van een bacterie of virus. Als die in je lichaam komen, reageert je immuunsysteem door antistoffen aan te maken. Kom je later écht in contact met die bacteriën of virussen? Dan herkent je immuunsysteem ze sneller en kan het er beter tegen vechten. Zo word je niet ziek of veel minder ziek. Een vaccin traint dus je immuunsysteem zodat het beter voorbereid is.
Wanneer laat je je vaccineren?
Je laat je vaccineren op het moment dat je nog gezond bent.
- Vaccinatieschema voor kinderen
Voor kinderen en jongeren adviseren we vaccinaties op 9 momenten tussen 0 en 14 jaar. Je houdt je best aan die momenten. De jongste baby’s hebben het grootste risico om ernstig ziek te worden. Als je de vaccinaties op tijd zet, is je kind zo vroeg mogelijk beschermd.
- Terugkerende vaccinaties
Sommige vaccinaties beschermen je levenslang. Andere vaccinaties moet je herhalen. Bij difterie, tetanus en kinkhoest is dat om de 10 jaar. Ben je ouder dan 65 jaar? Dan kun je je vaccinatie voor griep en covid het best elk najaar herhalen omdat de virussen voortdurend veranderen. Ook als je intussen al griep of covid had. En reis je naar een land waar polio nog voorkomt? Dan moet je een nieuw poliovaccin krijgen.
Bijwerkingen bij vaccinaties
Na een vaccinatie kun je last krijgen van lichte bijwerkingen. Dat is heel normaal en betekent dat je lichaam reageert op het vaccin. De klachten verdwijnen meestal na een paar dagen.
Wat kunnen die bijwerkingen zijn?
- Lichte pijn, roodheid of zwelling op of rond de injectieplaats. Soms wordt het plekje hard of vormt er zich een knobbeltje.
- Lichte tot matige koorts.
Heel zelden zijn er andere of ernstigere bijwerkingen, zoals een ontsteking van de hartspier of het hartzakje. Ernstige bijwerkingen treden meestal op binnen 6 weken na vaccinatie. Een allergische reactie kan al binnen enkele minuten tot uren na vaccinatie optreden. Krijg jij zo’n bijwerking? Verwittig dan je huisarts. Meld de bijwerking ook bij het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten (FAGG), of laat je arts dat doen.