Meldingsplichtig

Westnijlkoorts

West-Nilevirusinfectie (of westnijlkoorts) wordt veroorzaakt door het westnijlvirus. Dit virus komt voor bij vogels en wordt door muggen overgedragen naar de mens.

Vaccinatie
Geen vaccinatie beschikbaar
Basisvaccinatieschema
Geen onderdeel van het basisvaccinatieschema
Situatie in België (2026)

Sinds de eerste detectie van WNV bij wilde vogels in België in 2025 werd in 2026 verdere circulatie vastgesteld bij meerdere vogels in de drie gewesten en werden voor het eerst autochtone infecties bij paarden gemeld. In september 2026 werden ook voor het eerst lokaal opgelopen humane infecties vastgesteld in dezelfde regio in Vlaanderen. Meer informatie hierover is beschikbaar in de persmededeling van het Departement Zorgpdf bestand257.0kb.

Westnijlvirus

Kopieer sectielink

Wat is het westnijlvirus?

Het westnijlvirus komt voor bij vogels en wordt overgedragen door steekmuggen, zoals de gewone huismug (Culex pipiens). Paarden en mensen kunnen besmet geraken door de steek van een besmette mug. Een besmette mens of paard kan geen nieuwe muggen besmetten ('doodlopende gastheer'). Het virus wordt ook niet rechtstreeks van mens op mens of van paard op mens overgedragen. Het virus kan wel doorgegeven worden via bloedtransfusie of orgaandonatie. 

Welke klachten kan het veroorzaken?

Het westnijlvirus kan westnijlkoorts veroorzaken. De meeste mensen (80%) die besmet raken, merken daar niets van. Sommige mensen krijgen milde klachten zoals:

  • koorts;
  • hoofdpijn;
  • spierpijn;
  • vermoeidheid;
  • soms huiduitslag.

Slechts een klein deel (1%) van de besmette personen wordt ernstig ziek, en kan hersen(vlies)ontsteking krijgen. Vooral ouderen en mensen met verminderde immuniteit lopen meer risico op ernstige klachten.

De tijd tussen een besmette muggenbeet en de eerste klachten is twee tot veertien dagen. Meestal duurt het twee tot zes dagen vooraleer zich klachten voordoen. Iemand die westnijlkoorts heeft gehad kan de ziekte niet opnieuw krijgen.

Preventie

Bescherming tegen muggenbeten

De beste bescherming tegen het westnijlvirus is het voorkomen van muggenbeten. We vragen inwoners van een gebied waar westnijlvirus werd vastgesteld om onderstaande tips toe te passen. Vooral tijdens de schemering en ‘s nachts, wanneer de muggen het actiefst zijn:

  • draag lange mouwen en lange broekspijpen als er veel muggen actief zijn;
  • gebruik een muggenwerend middel (bv. met DEET, vraag raad aan je apotheker);
  • plaats muggengaas of muggenhorren aan ramen en deuren;
  • slaap indien nodig onder een muggennet of klamboe;
  • gebruik een ventilator om muggen op afstand te houden.

Meer uitgebreide info over muggenwerende maatregelen, die werken tegen zowel de gewone huismug als de tijgermug, vind je hier

Er is geen vaccin tegen westnijlkoorts beschikbaar.

Afbeelding muggenwerende middelen
Omgedraaide emmers en gieters.

Verwijder stilstaand water

Muggen hebben water nodig om hun eitjes en larven te laten ontwikkelen. Controleer daarom elke week je tuin of terras op stilstaand water en giet het weg, ververs het, of dek het af met een deksel of muggengaas. Bescherm jezelf extra goed tegen muggenbeten in de buurt van stilstaand water dat niet verwijderd kan worden. Meer info over het vermijden van stilstaand water in je omgeving, voor zowel de tijgermug als de gewone huismug, vind je hier

Behandeling

Er bestaan geen medicijnen tegen westnijlkoorts. Er zijn wel medicijnen die helpen om de klachten te verminderen, zoals paracetamol bij koorts. Bij ernstige westnijlkoorts is een opname in het ziekenhuis nodig.

Hoe vaak komt de ziekte voor?

De ziekte komt al een tijd voor in delen van Afrika, het Midden-Oosten, West-Azië, Noord-Amerika, het zuidoosten en midden van Europa en het Middellandse Zeegebied. De afgelopen jaren breidde de ziekte zich meer noordelijk uit binnen Europa, waaronder in onze buurlanden. In België werd het virus voor het eerst vastgesteld bij vogels in 2025. Ook in 2026 werden er heel wat besmette vogels gevonden. Sinds augustus 2026 raakten verschillende paarden in de provincies Antwerpen en Vlaams-Brabant besmet met het virus. In september 2026 werden ook voor het eerst lokaal opgelopen humane infecties vastgesteld in dezelfde regio in Vlaanderen. Meer informatie hierover is beschikbaar in de persmededeling van het Departement Zorgpdf bestand257.0kb.

Er is momenteel geen reden tot ongerustheid. Het risico op ziekte blijft beperkt, maar het is goed om waakzaam te zijn en zich te beschermen tegen muggenbeten. 

Zieke of dode vogel gevonden?

Wanneer je zieke of dode vogels aantreft is het goed om dit te melden aan de bevoegde instanties, zeker wanneer het gaat om meerdere vogels op één locatie. 

Hieronder vind je enkele richtlijnen:

  • Raak zieke of dode dieren bij voorkeur niet aan.
    • Westnijlvirus kan niet rechtstreeks overgedragen worden van een vogel op mens of dier, zonder de tussenkomst van een mug. Maar zieke of dode vogels kunnen wel andere ziekteverwekkers met zich meedragen. 
    • Moet je het dier toch aanraken: draag wegwerphandschoenen en een mondmasker (liefst FFP2). 
  • Zieke vogels: 
    • Neem contact op met een erkend opvangcentrum voor wilde dieren. 
  • Dode vogels: 
    • Bel naar de gratis influenzalijn van het FAVV: 0800 99 777 (tijdens werkdagen van 9u tot 12u).
    • Neem contact op met de provinciale contactpunten voor de ziektebewaking bij wilde fauna in Vlaanderen.

Informatie voor zorgprofessionals

Kopieer sectielink

Webinar 'Westnijlvirus - Actuele stand van zaken over de aanpak in Vlaanderen' - 16 september 2026

Kopieer sectielink

Westnijlvirus in België – eerste detectie

In het kader van het OH4Surveillance-project van Sciensano werd in oktober 2025 Westnijlvirus (WNV) voor het eerst aangetoond bij drie wilde vogels (kauwen/kraaien), bemonsterd in augustus. Confirmatie gebeurde via PCR (CT-waarden ca. 28–32). Extra testen voor Usutuvirus, JEV en TBEV bleven negatief. In totaal testten zeven vogels positief voor het virus in 2025.

 

In augustus 2026 werden via dit project in Vlaanderen verschillende positieve vogels gevonden in de provincies Antwerpen en Vlaams-Brabant. Rond dezelfde periode testten drie paarden positief in Vilvoorde, Willebroek en Meise.

 

Deze observatie sluit aan bij de geleidelijke uitbreiding van WNV naar noordelijke regio’s; in buurlanden zoals Nederland, Frankrijk en Duitsland zijn reeds eerdere circulaties vastgesteld.

 

Aanbevelingen

  • Neem WNV op in de differentiaaldiagnose tijdens het actieve muggenseizoen (april tot oktober).
  • Bij vermoeden: sluit eerst de meest voorkomende oorzaken uit en vraag dan WNV diagnostiek aan.

Samenvatting

  • Verwekker: westnijlvirus.
  • Incubatieperiode: 2-14 dagen, meestal 2-6 dagen.
  • Besmettingsweg: vrijwel altijd door een beet van een volwassen vrouwelijke geïnfecteerde mug.
  • Besmettelijke periode: de viremie bij mensen is laag en kort. De mens is een zogenaamde ‘dead end host’ en transmissie tussen mensen door muggen vindt niet plaats. Hoe lang het virus in het kader van bloedtransfusies van mens op mens overdraagbaar is, is onbekend.
  • Symptomen: asymptomatisch, soms griepachtig ziektebeeld en in 1% neurologische verschijnselen zoals (meningo-)encefalitis, meningitis of myelitis.
  • Waarom melden: maatregelen nemen bij autochtone gevallen.

Richtlijnen

Criteria

Klinische criteria

Patiënt met:

  • koorts

OF

encefalitis

OF

meningitis
 

Epidemiologische criteria
  • Dier of mens transmissie (verblijf, bezoek of blootstelling aan muggenbeten in een gebied waar WNV endemisch is in paarden of vogels)
  • mens op mens transmissie (verticale transmissie, bloedtransfusie, transplantatie)
Criteria voor laboratoriumconfirmatie

Waarschijnlijk laboratoriumcriterium

  • WNV specifieke antistoffen in serum
    (laboratoriumresultaten moeten geïnterpreteerd worden volgens de flavivirus vaccinatiestatus)


Laboratoriumconfirmatie

Ten minste één van volgende:

  • isolatie van WNV uit bloed of cerebrospinaal vocht
  • detectie van WNV via PCR in bloed of cerebrospinaal vocht
  • WNV specifieke antistoffen (IgM) in cerebrospinaal vocht
  • hoge titer WNV IgM EN detectie van WNV IgG EN confirmatie door neutralisatie

Gevalsdefinitie

Waarschijnlijk

Elke persoon die voldoet aan de klinische criteria én minstens één van de volgende twee criteria heeft:

  • een epidemiologische link;

een laboratoriumtest passend bij een waarschijnlijk geval na exclusie besmetting buiten Europa

Bevestigdpatiënt met laboratoriumconfirmatie na exclusie besmetting buiten Europa

Nuttige documenten

Cijfers meldingsplichtige infectieziekten

Cijfers over meldingsplichtige infectieziekten

Hoe melden?

Kopieer sectielink