Legionella in andere installaties
Legionella kan zich in verschillende industriële installaties ontwikkelen en verspreiden, zoals koeltorens en afvalwaterzuiveringsinstallaties. Deze systemen bieden onder bepaalde omstandigheden een ideale omgeving voor de groei van de bacterie. Het is daarom belangrijk om specifieke maatregelen te nemen om de groei en verspreiding van Legionella te voorkomen en te beheersen.
Koeltorens en Legionella
Koeltorens zijn systemen die warmte van een proces afvoeren naar de omgeving. Hierbij wordt water in contact gebracht met lucht, waardoor aerosolen kunnen ontstaan. Deze natte koeltorens worden gebruikt in de industrie en voor airconditioning van grote gebouwen. Koeltorens kunnen groot en zichtbaar zijn, maar ook klein en onopvallend. Wereldwijd zijn ze vaak betrokken bij grote legionella-uitbraken.
Specifieke maatregelen voor koeltorens
Het Legionellabesluit beschrijft specifieke maatregelen voor koeltorens, met onderscheid tussen types:
- Natuurlijke of geforceerde trek
- Gebruik van oppervlaktewater of niet
Legionellabeheersplan en meldingsplicht
Voor elke koeltoren moet een legionellabeheersplan worden opgesteld, met daarin contactgegevens van de verantwoordelijke, een technische beschrijving van het koeltorencircuit, risicoanalyse en preventiemaatregelen. Ook zijn exploitanten verplicht om hun koeltoren te melden via een meldformulier. Dit is van belang om bij een uitbraak de bron snel te kunnen vinden.
Deze leidraadpdf bestand1.2mb helpt in het opstellen van een legionellabeheersplan voor koeltorens.
In het kader van het Legionellabesluit is het verplicht om als exploitant een inrichting met een koeltoren te melden.
Handleiding meldingsformulier koeltoren
Drempelwaarden
Er zijn drempelwaarden vastgelegd om de legionella-analyseresultaten te interpreteren en op te volgen. Bij overschrijding van deze waarden zijn verschillende acties vereist. Meldingen aan het Departement Zorg gebeuren via legionella@vlaanderen.be.
Koeltorens met natuurlijke trek en oppervlaktewater
Minimale opvolging (1 juni - 15 oktober)
- Continu temperatuurmonitoring
- Minstens twee waterstalen in de aanvoerleiding:
- Eerste staal: na 14 dagen met oppervlaktewatertemperatuur >20°C (uiterlijk voor 15 juli)
- Tweede staal: in het midden van de resterende periode
Interpretatie van de drempelwaarden
De analyseresultaten en drempelwaarden worden steeds uitgedrukt in kolonievormende eenheden per liter, wat wordt afgekort als KVE/l.
| Drempelwaarde (KVE/l) | Acties |
|---|---|
| < 10.000 Legionella spp. |
|
| > 10.000 en < 100.000 Legionella spp. |
|
| > 100.000 Legionella spp. |
|
| Drie opeenvolgende stalen > 100.000 Legionella spp. |
|
| Zes opeenvolgende stalen > 100.000 Legionella spp. |
|
Koeltorens met geforceerde trek en oppervlaktewater
Minimale opvolging (1 juni - 15 oktober)
- Continu temperatuurmonitoring
- Minstens twee waterstalen in de aanvoerleiding:
- Eerste staal: na 14 dagen met oppervlaktewatertemperatuur >20°C (uiterlijk voor 15 juli)
- Tweede staal: in het midden van de resterende periode
Interpretatie van de drempelwaarden
| Drempelwaarde (KVE/l) | Acties |
|---|---|
| < 10.000 Legionella spp. |
|
| > 10.000 en < 100.000 Legionella spp. |
|
| > 100.000 Legionella spp. |
|
| Drie opeenvolgende stalen > 100.000 Legionella spp. |
|
| Zes opeenvolgende stalen > 100.000 Legionella spp. |
|
Koeltorens zonder gebruik van oppervlaktewater
Minimale opvolging
- Jaarlijks onderhoud
- Minstens twee stalen per jaar:
- Continu werkende systemen:
- Eerste staal: tussen 1 april en 31 mei
- Tweede staal: tussen 15 juli en 15 september
- Niet continu werkende systemen:
- Eerste staal: binnen twee weken na opstart
- Tweede staal: midden in de bedrijfsperiode
- Continu werkende systemen:
Interpretatie van de drempelwaarden
| Drempelwaarde (KVE/l) | Acties |
|---|---|
| > 1.000 en < 10.000 Legionella spp. |
|
| > 10.000 en < 100.000 Legionella spp. |
|
| > 100.000 Legionella spp. |
|
| Drie opeenvolgende stalen > 100.000 Legionella spp. |
|
| Zes opeenvolgende stalen > 100.000 Legionella spp. |
|
Biologische afvalwaterzuiveringsinstallaties
Biologische afvalwaterzuiveringsinstallaties (AWZI’s) maken gebruik van micro-organismen om afvalwater te zuiveren. Uit recent onderzoek in Vlaanderen blijkt dat in deze installaties legionellabacteriën aanwezig kunnen zijn in de waterfase.
Door de hoge organische belasting van het afvalwater zijn dit omstandigheden waarin de groei van Legionella niet volledig te vermijden is. De focus ligt daarom op het beheersen van risico’s, eerder dan op het elimineren van de bacterie.
Tijdens het zuiveringsproces kunnen aerosolen (kleine waterdruppels) ontstaan die Legionella bevatten en zich via de lucht verspreiden. Dit kan een risico vormen voor werknemers en mogelijk ook voor omwonenden.
Aanwezigheid van Legionella in AWZI’s
Onderzoek toont aan dat:
- legionellaconcentraties in het afvalwater kunnen oplopen tot meer dan log 6 kve/l, met sterke fluctuaties
- verschillende soorten Legionella aanwezig kunnen zijn
Verspreiding via aerosolen
Legionella kan vanuit het water in de lucht terechtkomen via aerosolen. De mate waarin dit gebeurt, hangt sterk af van:
- het type beluchtingssysteem
- de configuratie van de installatie
- lokale omgevingsfactoren (bv. wind, luchtvochtigheid)
Aerosolvorming treedt voornamelijk op tijdens de beluchting van het afvalwater.
Legionella in de lucht
Bij hoge concentraties in het water (vanaf log 6 kve/l) kan Legionella ook in de lucht worden aangetoond. De gemeten concentraties in de lucht rond AWZI’s zijn doorgaans laag en sterk afhankelijk van meetomstandigheden en lokale omgevingsfactoren.
Belangrijke inzichten uit het onderzoek:
- Het grootste deel van de gemeten deeltjes in de lucht te klein is om Legionella te bevatten. Dit betekent dat aerosolvorming niet automatisch leidt tot een hoog besmettingsrisico, maar wel een belangrijke factor blijft in de risicoanalyse.
- Optimaliseren van het beluchtingssysteem heeft een groot effect. Bellenbeluchting is de voorkeursoptie bij nieuwe installaties of renovaties.
Risico voor werknemers en omgeving
Verspreiding naar de omgeving kan niet volledig worden uitgesloten, maar blijft moeilijk exact te kwantificeren. Daarnaast tonen metingen aan dat aerosolen ook andere micro-organismen (log 3–4 kve/l) en mogelijk chemische componenten bevatten, wat het belang van bescherming versterkt.
Voor werknemers geldt dat blootstelling kan gebeuren via inademing of via contact met ogen en huid.
Aanbevolen preventiemaatregelen:
- dragen van ademhalingsbescherming (bv. FFP3-masker)
- gebruik van oogbescherming
- sensibilisering en opleiding van medewerkers
Een installatie specifieke risicoanalyse is essentieel om het restrisico te beoordelen en gepaste maatregelen te bepalen. Elke installatie is anders, waardoor een aanpak op maat noodzakelijk is. Het systematisch meten en opvolgen van Legionella in het water is een essentieel onderdeel van de risicoanalyse.
Wetgeving en aanpak
Momenteel vallen AWZI’s niet onder specifieke legionellawetgeving. In afwachting van verdere regelgeving wordt aanbevolen dat exploitanten proactief een risicoanalyse uitvoeren en passende maatregelen implementeren.