Onderzoek, cijfers en innovatie

Jonge mantelzorgers in Vlaanderen: kerncijfers 2018-2022

Meer dan een kwart van de Vlaamse jongeren tussen 11 en 18 jaar groeit op met iemand in het gezin die een langdurige ziekte of handicap heeft. Dit percentage steeg tussen 2018 en 2022.

 De meeste jonge mantelzorgers blijven actief in hun vrije tijd, maar als groep hebben jonge mantelzorgers een minder gunstig profiel op het vlak van mentale en lichamelijke gezondheid, materiële welvaart, sociale steun en schoolbeleving. Tussen 2018 en 2022 verslechterden meerdere indicatoren, ook bij jongeren zonder mantelzorgsituatie. De achterstand van jonge mantelzorgers bleef echter bestaan en is op sommige domeinen aanzienlijk. 

Deze figuur toont de verschillende kerncijfers van jonge mantelzorgers uit 2022

Over de kerncijfers

Kopieer sectielink

De cijfers komen uit het Vlaamse deel van de internationale Health Behaviour in School-aged Children-studie (HBSC) die in 2018 en 2022 werden verzameld door de onderzoeksgroep Gezondheidsbevordering van de vakgroep Volksgezondheid en Eerstelijnszorg aan Universiteit Gent met steun van de Vlaamse Overheid (Departement Zorg). Met een gestandaardiseerde vragenlijst worden leerlingen op school bevraagd over hun gezondheid, welbevinden, gedrag en sociale omgeving. De Vlaamse steekproef loopt van het vijfde leerjaar lager onderwijs tot en met het zesde jaar secundair onderwijs en telde 11.035 jongeren in 2018 en 20.154 in 2022. De datasets van beide bevragingen werden door het Departement Zorg geanalyseerd met als doel te rapporteren over kerncijfers en trendcijfers van jonge mantelzorgers.

Jonge mantelzorgers worden daarbij opgevat als jongeren die samenwonen met iemand die langer dan drie maanden lichamelijk of psychisch ziek is of een handicap heeft. Dat is een ruime definitie: niet elke jongere in deze groep verleent intensieve zorg. Daarom wordt de hoeveelheid taken thuis afzonderlijk onderzocht. De kerncijfers vergelijken groepen en meten evoluties, maar laten niet toe om te besluiten dat de mantelzorgsituatie zelf de vastgestelde verschillen veroorzaakt.

De belangrijkste resultaten

Kopieer sectielink

Een grote en groeiende groep

In 2022 woonde 28,2% van de 11- tot 18-jarigen samen met iemand met een langdurige ziekte of handicap, tegenover 21,5% in 2018. Dat komt in 2022 neer op naar schatting 168.722 jongeren. Ongeveer 7,5% van alle Vlaamse jongeren combineerde deze situatie met minstens vier uur taken thuis per week. 

Jonge mantelzorgers zijn vaker meisjes, jongeren met een buitenlandse herkomst en oudere adolescenten. Ze zijn ook sterker vertegenwoordigd in andere gezinstypes dan een moeder-vadergezin.

Bekijk hier de kerncijfers over: 

Sociaal-economische kwetsbaarheid  

Jonge mantelzorgers bevinden zich vaker in een kwetsbare sociaal-economische positie dan jongeren zonder mantelzorgsituatie. In gezinnen waar één of beide ouders niet werken is in 2022 46,7% van de jongeren jonge mantelzorger. Dit aandeel is 25,1% in gezinnen waar beide ouders werken. Ook in subjectieve welvaart is er een verschil: 16,3% van de jonge mantelzorgers rapporteerde in 2022 dat hun gezin (helemaal) niet rijk is, tegenover 9% bij niet-mantelzorgers. Naar onderwijsvorm blijkt dat jonge mantelzorgers sterker vertegenwoordigd zijn in de b-stroom en het bso. De mantelzorgsituatie staat dus niet los van bredere sociale ongelijkheden, maar valt er geregeld mee samen. 

Een lagere materiële welvaart komt vooral voor bij oudere jonge mantelzorgers, jongeren van de eerste generatie met een buitenlandse herkomst, jongeren uit het kso/tso of bso, jongeren van wie beide ouders niet werken en jongeren uit een ander gezinstype dan een moeder-vadergezin.

Bekijk hier de kerncijfers over: 

Welbevinden en mentale gezondheid staan onder druk

Over vrijwel alle indicatoren van mentaal en subjectief welbevinden heen scoren jonge mantelzorgers minder gunstig dan andere jongeren. In 2022 had 61,6% van de jonge mantelzorgers een hoog welzijn en voelde 57,9% zich gelukkig, tegenover respectievelijk 73,3% en 71,2% bij jongeren zonder mantelzorgsituatie. Ook hun levenstevredenheid ligt lager. 

Meer dan één op de vijf voelt zich meestal of altijd eenzaam. Jonge mantelzorgers rapporteren bovendien minder eigeneffectiviteit en ongeveer dubbel zo vaak veel stress dan niet-mantelzorgers. Bijna één op de drie zegt meermaals aan zelfdoding te hebben gedacht en bijna één op de vijf rapporteert herhaald zelfbeschadigend of suïcidaal gedrag. Deze cijfers namen tussen 2018 en 2022 toe en liggen duidelijk hoger dan bij andere jongeren. 

Ook pestervaringen komen vaker voor dan in 2018. In 2022 zei 27,1% van de jonge mantelzorgers dat ze op school gepest werden, tegenover 16,8% van de jongeren zonder mantelzorgsituatie. Bijna één op de vijf jonge mantelzorgers (18,5%) werd via internet of berichten gepest, tegenover 9,8% van de jonge niet-mantelzorgers. Ook als dader van pesten op school of cyberpesten komen jonge mantelzorgers vaker naar voor dan jonge niet-mantelzorgers.

Vooral meisjes, oudere adolescenten en jongeren uit een ander gezinstype dan een moeder-vadergezin rapporteren minder welbevinden, meer eenzaamheid, stress en suïcidaliteit, waarbij niet-werkende ouders en een hoge taakbelasting voor sommige maar niet alle indicatoren bijkomende kwetsbaarheid markeren.

Bekijk hier de kerncijfers over: 

Minder goede lichamelijke gezondheid en vaker slaaptekort

Jonge mantelzorgers beoordelen hun algemene gezondheid minder positief. Ze melden vaker hoofdpijn, buik- en rugpijn, zenuwachtigheid, slaapproblemen en andere lichamelijke of psychische klachten. In 2022 ondervond 52,5% meerdere keren per week meer dan twee gezondheidsklachten, tegenover 37,6% van de jongeren zonder mantelzorgsituatie. 

Ook slaaptekort komt vaker voor bij jonge mantelzorgers: 42,7% ervoer dat in 2022 regelmatig, tegenover 34,8% van de jonge niet-mantelzorgers. Bovendien namen klachten over gezondheid en slaaptekort toe tussen 2018 en 2022. 

Meisjes, oudere jonge mantelzorgers, mantelzorgers uit een ander gezinstype dan een moeder-vadergezin en met veel taken thuis rapporteren doorgaans meer klachten en slaaptekort, terwijl ook jonge mantelzorgers van wie beide ouders niet werken en jongeren uit de b-stroom, het bso of kso/tso hun gezondheid minder gunstig beoordelen.

Bekijk hier de kerncijfers over: 

Minder steun uit de omgeving

De ervaren steun van het gezin, vrienden, klasgenoten en leerkrachten nam tussen 2018 en 2022 af. Jonge mantelzorgers ervaren daarbij doorgaans minder steun dan andere jongeren. 

De ervaren steun is meestal lager bij meisjes, oudere jongeren, jongeren uit een ander gezinstype en jongeren met een hoge taakbelasting; ook buitenlandse herkomst, een minder gunstige arbeidspositie van de ouders en bepaalde onderwijsvormen hangen met sommige, maar niet alle, steunbronnen samen.

Bekijk hier de kerncijfers over: 

De combinatie met school is niet vanzelfsprekend

In 2022 voelde 47,5% van de jonge mantelzorgers zich sterk onder druk door schoolwerk, tegenover 36,5% in 2018. 

Tegelijk daalde het aandeel dat school redelijk of erg leuk vindt van 63,7% in 2018 tot 58,7% in 2022. Jonge mantelzorgers zijn minder tevreden over school en ervaren iets minder steun van klasgenoten en leerkrachten.  

Meisjes, oudere mantelzorgers en jongeren met minstens vier uur taken thuis ervaren de meeste schooldruk, terwijl schooltevredenheid vooral lager is bij oudere leerlingen, leerlingen uit een ander gezinstype en jongeren met een hogere taakbelasting; leerlingen uit het aso vallen op door de hoge schooldruk.

Bekijk hier de kerncijfers over: 

Vrije tijd toont een gemengd beeld

Er zijn ook positieve signalen. 87,7% neemt deel aan minstens één georganiseerde activiteit en bijna drie op de vier beweegt meerdere keren per week. Beide aandelen stegen sinds 2018. Toch blijven jonge mantelzorgers iets achter op jongeren zonder mantelzorgsituatie. 

Ze besteden gemiddeld ook meer tijd aan televisie en gaming dan jonge niet-mantelzorgers. 

De evoluties sinds 2018 in de indicatoren over vrije tijd moeten voorzichtig worden geïnterpreteerd, omdat de vraagstellingen tussen beide meetjaren licht veranderden.

Jongens bewegen meer maar besteden ook meer tijd aan schermactiviteiten, terwijl jongere mantelzorgers, mantelzorgers van Belgische herkomst, mantelzorgers met twee werkende ouders en mantelzorgers uit een moeder-vadergezin vaker actief deelnemen en mantelzorgers uit de b-stroom of het bso vaker een minder gunstig vrijetijdsprofiel hebben. Hoeveel taken mantelzorgers thuis opnemen maakt geen significant verschil.

Bekijk hier de kerncijfers over:

Overzicht van alle kerncijfers

Kopieer sectielink

Vragen?

Kopieer sectielink

Bij vragen over deze kerncijfers, kan je contact opnemen met team Onderzoek en Documentatie.